Hieronder de tabel met opbrengsten van de verschillende belastingen.
Leges
De tabel hieronder geeft de realisatie weer van de gerealiseerde leges 2025.

Tegenover onze leges staan de diensten die we leveren. In het tarievenbeleid streven we er naar om de kosten van deze diensten volledig te dekken. De leges zijn onder te verdelen in drie zogenoemde titels:
- Algemene dienstverlening
- Dienstverlening vallend onder de fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning
- Dienstverlening vallend onder de Europese dienstenrichtlijn.
Voor de berekening van de leges gaan we uit van kostendekkendheid. Uitzondering hierop zijn de leges burgerlijke stand, waarvoor het rijk de hoogte vaststelt. Voor de leges voor de reisdocumenten en rijbewijzen stelt het rijk een maximumbedrag vast.
Bij de omgevingsvergunningen zijn in december 2025 een aantal projecten met grote oppervlakten gestart. Hierdoor is de dekking boven verwachting hoog en niet representatief voor het jaargemiddelde van de kostendekking van omgevingsvergunningen.
Onroerendezaakbelasting (OZB)
Voor de bepaling van de ozb-tarieven wordt de belastingcapaciteit (totale WOZ-waarde van alle woningen en niet-woningen, respectievelijk) afgezet tegen de geraamde opbrengst ozb. De ozb-tarieven zijn in december 2024 vastgesteld in de verordening onroerende zaakbelastingen 2025.
In onderstaande tabel kunt u de begrote en werkelijke ozb opbrengsten zien.
Rioolheffing
Berekening kostendekkendheid Riool | ||
|---|---|---|
Bedrag x € 1.000 | Begroot 2025 incl. wijziging | Werkelijk 2025 |
Kosten taakvelden incl. (omslag) rente | 3.279 | 3.223 |
Inkomsten taakvelden excl. heffingen | 88 | 0 |
Netto kosten taakveld | 3.191 | 3.223 |
Extracomptabel toe te rekenen kosten | ||
Overhead | 314 | 314 |
BTW | 296 | 267 |
Totale kosten | 3.801 | 3.804 |
Opbrengst heffingen | 3.801 | 3.804 |
Percentage kostendekking | 100% | 100% |
Toelichting
Het verschil tussen begroting en rekening bedraagt per saldo € 3.000. Dit is het voordeel dat op de heffing is ontstaan (in werkelijkheid is er € 3.000 meer geheven dan geraamd),
De rioolexploitatie wordt verrekend met de voorziening riolering overeenkomstig het Besluit begroting en verantwoording Provincies en Gemeenten.
Dit betekent;
• Positief resultaat (overschot) → storting in de voorziening
• Negatief resultaat (tekort) → onttrekking uit de voorziening
Rioolheffing mag uitsluitend worden gebruikt voor rioleringsdoeleinden. Als gevolg van deze boeking resteert in vorenstaand overzicht ten opzichte van de begroting per saldo alleen het verschil tussen de begrote en de werkelijke rioolheffing.
In 2025 is er € 188.000 gestort in de voorziening riolering. Dit is ontstaan omdat er meer rioolheffing is ontvangen dan er in werkelijkheid aan kosten is gemaakt. Dit komt omdat de rioolheffing gebaseerd wordt op de primaire begroting.
De werkelijke exploitatie valt € 277.000 lager uit dan begroot. Dit voordeel bestaat uit:
- Kosten programma Water verschuiven naar 2026 € 100.000
- Minder kosten schoonhouden wegen/markt € 14.000
- Lagere doorbelasting salarissen en GBKZ € 28.000
- Minder toegerekende BTW € 25.000
- Lagere kapitaallasten door vertraging investeringen € 107.000
- Meer rioolheffing opgelegd € 3.000
Belangrijkste oorzaken:
- Uitstel van werkzaamheden naar 2026
- Vertraging in investeringsprojecten (lagere kapitaallasten)
- Lagere personeels- en uitvoeringskosten
Hier tegenover staat de verrekening met de voorziening riolering. In de begroting inclusief wijzigingen werd nog uitgegaan van een onttrekking van € 89.000 terwijl in werkelijkheid een storting van € 188.000 heeft plaatsgevonden. Het verschil begroting ten opzichte van werkelijk bedraagt daarmee € 277.000 en is een nadeel (minder onttrokken dan geraamd).
Per saldo is daarmee de gehele rioolexploitatie verrekend met de voorziening riolering.
Afvalstoffenheffing
Berekening kostendekkendheid Afvalstoffenheffing | ||
|---|---|---|
Bedrag x € 1.000 | Begroot 2025 incl. wijziging | Werkelijk 2025 |
Kosten taakvelden incl. (omslag) rente | 4.299 | 4.228 |
Inkomsten taakvelden excl. heffingen | 130 | 170 |
Netto kosten taakveld | 4.169 | 4.058 |
Extracomptabel toe te rekenen kosten | ||
Overhead | 74 | 77 |
BTW | 817 | 811 |
Totale kosten | 5.061 | 4.946 |
Opbrengst heffingen | 5.061 | 4.946 |
Percentage kostendekking | 100% | 100% |
Toelichting
Het verschil tussen de begrote en werkelijke afvalstoffenheffing bedraagt € 115.000 nadelig, doordat minder heffing is opgelegd dan geraamd. Conform het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) wordt de afvalexploitatie verrekend met de voorziening afvalstoffen, zodat middelen uit de afvalstoffenheffing beschikbaar blijven voor afvaldoeleinden.
In 2025 is € 149.000 gestort in de voorziening afvalstoffenheffing. Deze storting is het gevolg van lagere gerealiseerde kosten dan begroot. De afvalstoffenheffing is gebaseerd op de primaire begroting. Omdat de werkelijke kosten lager zijn uitgevallen dan geraamd, ontstaat er een overschot.
In 2025 is € 149.000 gestort in de voorziening afvalstoffen. In de gewijzigde begroting werd uitgegaan van een storting van € 172.000. Het verschil bedraagt € 23.000 nadelig.
De belangrijkste verschillen binnen de afvalexploitatie zijn:
- Lagere kosten voor kwijtschelding (€ 19.000 voordeel)
- Lagere doorbelasting GBKZ lasten (€ 27.000 voordeel)
- Hogere opbrengsten verpakkingsafval (€ 40.000 voordeel)
- Lagere opbrengst afvalstoffenheffing (€ 115.000 nadeel)
- Overige kleine voordelen (€ 6.000)
Per saldo resulteert dit in een € 23.000 nadelig verschil, dat via de storting in de voorziening afvalstoffen is verrekend.
Hier tegenover staat de verrekening met de voorziening afvalstoffen. In de gewijzigde begroting werd nog uitgegaan van een storting van € 172.000 terwijl in werkelijkheid een storting van € 149.000 heeft plaatsgevonden. Het verschil begroting ten opzichte van werkelijk bedraagt daarmee € 23.000 en is een nadeel. Per saldo is daarmee de gehele afvalexploitatie verrekend met de voorziening afvalstoffen.
Begrafenisrechten
plus=nadeel, min= voordeel
Berekening kostendekkendheid Begrafenisrechten | ||
|---|---|---|
Bedrag x € 1.000 | Begroot 2025 incl. wijziging | Werkelijk 2025 |
Kosten taakvelden incl. (omslag) rente | 538 | 633 |
Inkomsten taakvelden excl. heffingen | 2 | 97 |
Netto kosten taakveld | 536 | 536 |
Extracomptabel toe te rekenen kosten | ||
Overhead | 248 | 248 |
BTW | 106 | 121 |
Totale kosten | 890 | 906 |
Opbrengst heffingen | 890 | 814 |
Percentage kostendekking | 100% | 90% |
In 2025 zijn extra kosten gemaakt voor ingeleend personeel. Verwacht werd dat deze kosten konden worden opgevangen door hogere opbrengsten, onder andere door de verhoging van de tarieven voor grafhuur. Inmiddels blijkt echter dat de opbrengsten onvoldoende zijn geweest en dat de egalisatiereserve, die in het verleden was opgebouwd uit overschotten, inmiddels is uitgeput. Hierdoor kunnen de extra lasten niet meer uit de reserve worden gedekt maar komt dit ten laste van de algemene middelen.
Marktgelden
plus=nadeel, min= voordeel
Berekening kostendekkendheid Marktgelden | ||
|---|---|---|
Bedrag x € 1.000 | Begroot 2025 incl. wijziging | Werkelijk 2025 |
Kosten taakvelden incl. (omslag) rente | 63 | 66 |
Inkomsten taakvelden excl. heffingen | 0 | 0 |
Netto kosten taakveld | 63 | 66 |
Extracomptabel toe te rekenen kosten | ||
Overhead | 22 | 22 |
BTW | 8 | 8 |
Totale kosten | 93 | 97 |
Opbrengst heffingen | 60 | 67 |
Percentage kostendekking | 65% | 69% |
